Descarga

Distancia

24,55 km

Desnivel positivo

243 m

Dificultad técnica

Moderado

Desnivel negativo

243 m

Altitud máxima

188 m

Trailrank

12

Altitud mínima

102 m

Tipo de ruta

Circular

Coordenadas

459

Fecha de subida

2 de septiembre de 2020

Fecha de realización

septiembre 2020
Sé el primero en aplaudir
Comparte
-
-
188 m
102 m
24,55 km

Vista 47 veces, descargada 3 veces

cerca de Gasthuis, Limburg (Nederland)

Van: Gasthuis, 6268NN Eijsden-Margraten, Limburg, Nederland

Naar: Gasthuis 1, 6268NN Eijsden-Margraten, Limburg, Nederland



Routering: Recreatief fietsen - mooiste

Waypoint

'Den Musschenput', Zjwingelput 't Gastes (Gasthuis)

"Den Musschenput", Zjwingelput 't Gastes (Gasthuis) Het puthuisje op de hoek van de T-splitsing is van hout en staat op een gemetselde borstwering. Het dak is gedekt met dakpannen. Het putwiel en de putkatrol zijn aanwezig. De put is niet gedempt, maar wel drooggevallen. De put op het Gasthuis is een bijzonder oud exemplaar en dateert van reeds voor 1350 (!) en opgetrokken uit mergel en wat dieper geslagen in de mergel ondergrond. De diepte van de put is ongewis. In 2015 heeft de Stichting Heemkunde Bemelen een poging gedaan om met een camera de diepte te meten. Op een diepte van 40 meter kwam de camera tot stilstand. Op de beelden is echter niet goed te zien of hiermee de bodem is bereikt, of dat er slecht takken dwarsliggen. De stichting zal in de toekomst een nieuwe meetpoging ondernemen.

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Kasteel van de Wolff of Huis van Nijvel

Gasthuis 18, Wolfshuis (Bemelen): Kasteel van de Wolff of Huis van Nijvel Over de voorganger van de Beusdalhof te Bemelen bestaat onduidelijkheid. In de veertiende en vijftiende eeuw was er sprake van een 'kasteel van de Wolff', waarnaar het gehucht Wolfhuis is genoemd. Er is in de archieven echter ook sprake van het Scheyffartshuis, waarschijnlijk vernoemd naar Scheyffart van den Veels, dat later in handen kwam van het geslacht Van Beusdal. Een andere naam was Veelshoef of Velsenhoff, zoals op een kaart van omstreeks 1658 is aangegeven. Bemelen was een heerlijkheid van het Onze-Lieve-Vrouwe-Kapittel te Maastricht. Librecht van Hulsberg liet in het begin van de zestiende eeuw een hoeve met landhuisachtige kenmerken bouwen. Mogelijk herbouwde hij het kasteel dat in 1408 door de Luidenaren of in 1489 door Maastrichtenaren werd verwoest. Afgaande op de aanwezige fundamenten bestond het vijftiende-eeuwse kasteel uit een vierkante toren met daaraan vast een rechthoekig huis. Op de kadastrale kaart van omstreeks 1825 is een U-vormige hoeve zichtbaar met schuin tegen de punt van de westelijke vleugel een herenhuis. Dit herenhuis werd in 1859 gesloopt. De hoeve bleef in gebruik en is onlangs nog gerestaureerd. Volgens de jaarankers is de hoeve in 1775 gebouwd. De hoeve doet nu (mede) dienst als Bed & Breakfast "Het Wolfshuis"

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Van Tienhovenmolen

Gasthuis 79, Wolfshuis: Van Tienhovenmolen De windmolen van Wolfshuis (anno 1855) is de enige windmolen van Nederland die opgebouwd is van mergelsteen, het natuurlijke bouwmateriaal uit de omgeving. Alleen het smalle bovendeel is van baksteen en dat heeft een reden: dit in 1923 aangebracht nadat de molen was uitgebrand. Het opgemetselde deel was nodig om het kruiwerk en de kap, die van een andere molen afkomstig waren, op de romp te laten passen. Uniek aan deze molen is dat dit de enige windmolen in Nederland is die grotendeels gebouwd is van mergelstenen. In de gevel van de voorbouw staat een merkwaardig stenen kruis. Het betreft een moordkruis uit 1417, dat afkomstig is van een nabij gelegen gasthuis, dat vroeger in de gelijknamige buurtschap stond.

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Van Tienhovenmolen

De Van Tienhovenmolen in het gehucht Wolfshuis in de Nederlands-Limburgse gemeente Eijsden-Margraten is een beltmolen uit 1855. Hij is als enige molen in Nederland geheel opgetrokken uit mergelsteen, dat in de omgeving ruimschoots voorhanden is. De kap is gedekt met dakleer. De molen is tot 1938 in gebruik geweest en is sinds 1967 een rijksmonument. In de molen staat een maalkoppel met 16der, 140 cm doorsnede, kunststenen.

De molen werd in 1855 gebouwd door molenaar Jan Meys op een open plek met veel wind op het Plateau van Margraten, midden in het vruchtbare akkerbouwgebied tussen de dorpen Bemelen en Sibbe. In 1909 werd de molen overgedragen aan de familie Lousberg uit Sibbe, die tot omstreeks 1970 de naastgelegen molenaarswoning bewoonde en de bijbehorende landerijen bewerkte. De molen zelf werd tussen 1921 en 1938 door diverse molenaars geëxploiteerd. In het begin van de twintiger jaren werd een deel van de molenbelt afgegraven voor de bouw van een motorhuis, waarin een petroleummotor kwam te staan voor de aandrijving van de maalstoel. Na ongeveer tien jaar werd deze vervangen door een elektromotor en kwam de maalstoel in een aparte loods te staan.


Auteur: Wikipedia
Meer informatie
Waypoint

Scheulder

Scheulder ontstond in de middeleeuwen. Het behoorde tot de Vrije Rijksheerlijkheid Wijlre, om in 1794 een eigen gemeente te gaan vormen. Deze is in 1982 opgegaan in de destijds nieuw gevormde gemeenten Gulpen en Margraten. Scheulder kwam hierdoor bij Margraten. Sinds 1 januari 2011 is het een onderdeel van de gemeente Eijsden-Margraten.
De plaats is gelegen aan de oude Romeinse heerweg en pelgrimsroute van Maastricht naar Aken. Al in de zevende eeuw trok men erlangs op bedevaart. In het dorp was vroeger een gasthuis, waar men destijds kon schuilen, de plaatsnaam is een verbastering van dit woord. Vroegere namen waren ook wel Schuiler of Schuller.

Auteur: Wikipedia
Meer informatie
Waypoint

Sint Barbarakerk

Sint Barbarakerk, Scheulder Eenbeukige kerk met een schip van drie traveeën, een toren van vier geledingen met ingesnoerde naaldspits aan de noordzijde en een halfronde absis aan de oostzijde. De lengte-as van de kerk loopt noord-zuid. Tegen de absis is is een sacristie aangebouwd met een jongere uitbouw aan de oostzijde. Bouwgeschiedenis Het kerkdorp Scheulder dankt zijn naam aan het gasthuis ten behoeve van de zg. H. Geestarmen, behoeftige vreemdelingen die niet tot de gemeente behoorden. Het eerste bericht over een gasthuis, waar de armen 'sjoëlen', m.a.w. een schuilplaats vonden, dateert uit het begin van de 17e eeuw. In 1631 moet het gasthuis er al gestaan hebben en in het register van Deliberatiën staat onder het jaar 1879 de opmerking: "De oude kapel schijnt opgericht te zijn door de grafelijke familie De Merey van Argenteau". Het Gasthuis stond tegenover de huidige kerk. Aan het Gasthuis was een kapel verbonden, voor het eerst vermeld in 1645. Die kapel was toegewijd aan St. Barbara. Haar beeltenis, een uit de kapel afkomstige laat-middeleeuwse houtsculptuur, heeft nog altijd een ereplaats op het aan de heilige gewijde zijaltaar. De kapel had verschillende beneficiën met als doel dat er op zon- en feestdagen de mis gelezen kon worden. Dit geschiedde vanuit Wittem. In 1803 werd de oude kapel tot rectoraatskapel verheven In 1850 werd er grond geschonken voor de bouw van een nieuwe kapel. Op de plek van het oude Gasthuis met kapel staat nu een moderne woning. Op 15 april 1850 schonk het echtpaar Theodoor Ploumen en Birgitta Jcobs hun aan de Scheulderdorpsstraat gelegen boomgaard, groot 'zes roeden en 15 ellen in het vierkant' t.b.v. de bouw van een nieuwe kapel en een daarbij aan te leggen kerkhof aan het kerkbestuur van Wijlre, waartoe Scheulder behoorde. Cruciale voorwaarde was, dat het perceel 'niet aan de kerkfabriek van Wijlre, maar wel aan het eventueel kerkfabriek van het gezegd Scheulder behoren' zou. Men wilde zich dus losmaken van Wijlre, wat uiteraard weer tot verzet van gemeente en parochie leidde. In 1850 werd tijdens het rectoraat van Joh. Peter Keesmeker door de fa. Lemmens uit Beek een nieuwe kapel gebouwd op genoemd terrein. Bij Koninklijk Besluit van 19 juli 1865 werd door Koning Willem III het recht verleend om een eigen kerkbestuur te vormen, dat op 23 januari 1866 werd geïnstalleerd. Op 28 januari 1869 verhief bisschop Paredis Scheulder tot zelfstandige parochie. De huidige kerk dateert in hoofdvorm uit 1850, maar met de bouw van de toren en het zangersoksaal in 1903-'04 zijn er wijzigingen aangebracht. Zo heeft men toen bijvoorbeeld de rondboogramen vervangen door de huidige neo-gotische ramen. De kerk liep in de nacht van 28 en 29 juni 1944 oorlogsschade op. Exterieur De kerk is gebouwd met gezaagde mergelblokken (Sibbersteen) en heeft een met leien gedekt zadeldak. Tussen de gotische ramen staan steunberen met een klein zadeldakje. De toren, eveneens met leien gedekt, bestaat uit vier geledingen, waarin portaalruimte en zangkoor aan straatzijde zijn voorzien van overhoekse steunberen. Als horizontale verdeling zijn codronlijsten aangebracht in het vlakke muurwerk. Het venster boven de hoofdingang is spitsbogig en gevuld met zespastracering. De galmgaten zijn recht uitgesneden lancetten. Het zijn er twee aan elke zijde. Het kerkschip wordt verlicht door gotische vensters met middenmontant en drie-of vierpas koptracering. Deze vensters zijn waarschijnlijk pas in 1903-'04 in de plaats gekomen van rondboogvensters, die meer voor de hand liggen bij het interieur van 1850. Het priesterkoor wordt alleen verlicht door een venster in de rechte koortravee. De halfronde sluiting is blind. Schip en koor worden tot even boven de vensters geschraagd door steunberen met een zadeldakvormige afdekking. Interieur Het interieur wordt gedekt door een gestuukt tongewelf met platte ribben, die ene voortzetting zijn van de vlakke wandpilasters, die dienen als travee-aanduiding. De wanden zijn gepleisterd. De koorruimte achter de rondbogige triomfboog bezit ene tongewelf en een kalot. Op de vloer van het schip en het koor, dat een trede hoger liggen licht- en donkergrijze hardstenen tegels. De ruimte boven het zangkoor wordt gedekt door een stenen kruisribgewelf en wordt verlicht door een breed gotisch venster. Bron: De Nederlandse Monumenten van Geschiedenis en Kunst. De Provincie Limburg /Zuid-Limburg - Rijksdienst voor de Monumentenzorg, Zeist en Waanders Uitgevers, Zwolle, 1991. ISBN 90-6630-248-8 geb.

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Afgedekte zjwingelput Sjuuëlder

Afgedekte Zjwingelput Sjuuëlder (Scheulder) De zwingelput van Scheulder voorzag de inwoners van het kerkdorp van fris drinkwater. En als "waswater" voor het wassen van de boter, die op bijna iedere boerderij werd gemaakt. De put had twee emmers. Als de ene naar beneden ging, kwam de andere boven. De volle emmer werd in de trog geleegd en het water liep via de trog in de emmer van de putganger. De overlevering leert ons dat de put van Scheulder even diep was als de kerktoren hoog is (35 á 36 m). Wanneer de put is geslagen, is onbekend. De put dateert met zekerheid van voor 1893, omdat er op 21 juni 1893 in een brief aan de commandant der Brigade Koninklijke Marechaussee melding wordt gemaakt dat "op 17 juni door de meid der kinderen Ploumen tijdens het putten van uit de gemeenteput een dooie kat is bovengehaald." Omstreeks 1950 is het puthuisje afgebroken en is er een betonnen deksel op geplaatst. Dit deksel gaat nu schuil onder de rode cirkel in de tuin. De put zelf is nooit drooggevallen of gedempt. Op 10 mei 1940, bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, hadden de Nederlandse soldaten tussen Scheulder en Ingber een barricade opgeworpen, welke spoedig door Duitse tanks werd overreden. Op hun vlucht gooiden de Nederlanders hun geweren en hele uitrusting in de Scheulderse put en maakten dat ze wegkwamen. Na de oorlog is met een soort anker nog geprobeerd de geweren uit de put te vissen. Dat is overigens niet gelukt. Op de bovenste foto de situatie in Scheulder omstreeks 1925. Op de onderste foto ziet u wat vandaag de dag nog herinnert aan de put: een cirkel van klinkers, gelegd in de betonnen deksel die de putschacht afsluit.

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

LichtGraffiti

LichtGrafitti, Scheulder Dorpsstraat, Scheulder Glastegels in het trottoir. In de glastegels zijn inscripties te zien, die hoog in de kerktoren zijn aangetroffen. De moeilijk bereikbare plek, deels verboden terrein, bewaarde het geheim van ingekraste namen in de zachte mergelsteen van jonge Scheuldenaren vanaf 1870. Ontwerpster van het kunstwerk is Diana Ramaekers

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Ingber

Ingber is een buurtschap van Gulpen in de gemeente Gulpen-Wittem. Het is gesitueerd boven en aan een holle weg, de Ingbergracht, die uitkomt in Gulpen. De naam Ingber komt van Ingberg. De buurtschap De Hut is een onderdeel van Ingber, samen tellen ze ca 200 inwoners. Vroeger lag hier het riddergoed Hoenberg.
In het laatste oorlogsjaar, 1944, zat hier kunstschilder Aad de Haas uit Rotterdam ondergedoken in een piepklein, oud vakwerkhuisje. De Haas' naam wordt vooral verbonden met het conflict om zijn muurschilderingen in de Sint-Cunibertuskerk te Wahlwiller. Tegen deze kruiswegstaties, die hij in 1947 voltooide, groeide weerstand van kerkelijke zijde, en ze moesten uiteindelijk op last van het Bisdom Roermond verwijderd worden. In 1981 konden ze pas, met hulp van bisschop Gijsen, terugkeren. Later vond de schilder zijn onderkomen in Kasteel Strijthagen in Schaesberg.

Auteur: Wikipedia
Meer informatie
Waypoint

Taverne De Leeuw van Vlaanderen

Gelegen in het pittoreske plaatsje Gulpen aan een plein met Franse allure, wanen bezoekers zich op vakantie in het buitenland, maar zijn toch binnen de landsgrenzen. En wat de Taverne aan de buitenkant uitstraalt vinden bezoekers aan de binnenkant terug, een warme atmosfeer, een Vlaamse inrichting en fantastische Belgische bieren van de huisbrouwerijen Leeuw en Haacht.

Ook de menukaart heeft een knipoog naar het Belgische achterland en de ervaring van de chef en eigenaar Tom staan garant voor een heerlijke maaltijd, kleine hapjes en lekkere lunchgerechten. Naast de Belgische bieren kunnen bezoekers ook van een aantal goede wijnen met uitstekende prijs-kwaliteit verhouding genieten.


Auteur: Visit Zuid-Limburg
Meer informatie
Waypoint

Gulpen

Gulpen is een plaats in het Zuid-Limburgse Heuvelland met 4665 inwoners . Het is de hoofdplaats van de gemeente Gulpen-Wittem. De gehele gemeente Gulpen-Wittem telt bijna 15.000 inwoners.
Gulpen ontstond in de vroege middeleeuwen nabij de plaats waar de Gulp in de Geul uitmondt. Omstreeks 600 werd iets ten noorden van de huidige dorpskern een palissadenburcht gebouwd op een van de Dolsberg afgesneden heuvel. Omstreeks 1288 werd deze burcht verlaten en namen de bewoners hun intrek in de zuidelijker gelegen Nuwenberge, het latere Kasteel Neubourg. Einde 13e eeuw werd Gulpen een zelfstandige heerlijkheid in het Land van 's-Hertogenrade.

Auteur: Wikipedia
Meer informatie
Waypoint

Atelier Anja Ysermans

Het ruimtelijke werk van Anja Ysermans bestaat vaak uit meerdere materialen. Materiaal, dat al een leven achter de rug heeft, wordt in een nieuwe context geplaatst en vorm gegeven. Naast deze assemblages maakt Anja Ysermans ook bronzen beelden, staalplastieken en beelden van klei.
In het platte vlak worden onder andere enkaustiek, monotype, linosnede, en collage gebruikt. Deze worden soms met elkaar gecombineerd tot mixed media werk. Of worden op een andere manier uitgewerkt met behulp van smartphone of computer. En vervolgens geprint op aquarel papier, doek, aluminium of plexiglas.
De onderwerpen in het werk van Anja Ysermans zijn vaak naturalistisch zoals bijvoorbeeld de menselijke gestalte, koppen en huisvormen. Deze vormen worden geabstraheerd of gedeformeerd.
Tevens is er werk van Hub Cilissen te zien: aquarel, ei tempera, mixed media. Ben Wisman laat sieraden in zilver en 3d technieken zien en lampen eveneens in 3d techniek.

Rondom het atelier ligt een mooi aangelegde tuin waarin beelden staan. Niet alleen kunst maar ook mooie natuur bij Atelier en Beeldentuin Anja Ysermans. Raadpleeg de websites van de kunstenaars voor meer informatie.


Auteur: Visit Zuid-Limburg
Meer informatie
Waypoint

Kasteel Neubourg

Kasteel Neubourg is een kasteel in de Nederlands Limburgse gemeente Gulpen-Wittem. Het huidige kasteel dateert van na 1288, maar is waarschijnlijk al eerder ontstaan als mottekasteel, waarvan de overblijfselen vanuit Gulpen gezien achter het huidige kasteel liggen.


Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het huis gebruikt als internaat door de paters Jezuïten, terwijl de eigenaars in de bijgebouwen woonden. Tegen het einde van de oorlog werd het gebruikt als hoofdkwartier van het Amerikaanse leger. In 1952 werd het in gebruik genomen als hotel-restaurant. 


Sinds 2004 wordt het kasteel weer particulier bewoond en vinden er restauratiewerkzaamheden plaats. De drie bouwdelen van het kasteel en enkele terreinelementen zijn afzonderlijke rijksmonumenten.



Auteur: Visit Zuid-Limburg
Meer informatie
Waypoint

Viaduct over gulpdal

Gebouwd in 1924, liep het grote tramviaduct over het dal van de Gulp ter hoogte van de voormalige forellenkwekerij in Euverem, om vervolgens nabij de huidige Woutergraafsweg in het dal aan te komen. Het viaduct was onderdeel van het traject Gulpen-Margraten. Komende vanaf het station van Gulpen liep de tramlijn langs de locomotievenloods (over wat nu de Tramweg heet) richting het zuidwesten. Aan de westzijde van de Gulpenerberg (bij het huidige zwembad Mosaqua) liep de trambaan tussen de parallelle Landsraderweg en Molenweg/Pesakerweg om aldaar geleidelijk een steeds hoger talud (zo'n 700 meter lang) op te rijden aan de zuidwest- en zuidzijde van kasteel Neubourg. Het uiteinde van dit talud vormde het oostelijke landhoofd van de 612 meter lange overspanning bestaande uit 51 brugdelen, rustend op 50 stalen pijlers op een betonnen fundering. Het Gulpdalviaduct had een hoogte die varieerde van 8,5 tot 17 meter en moest het hoogteverschil tussen beide uiteinden overbruggen. Dit viaduct overspande in een vrij sterke boog het Gulpdal met de Gulp en doorkruiste Euverem ter hoogte van de viskwekerij. Het westelijke landhoofd lag in Euverem ten noordoosten van het tegenwoordige bungalowpark aan het uiteinde van een talud van ongeveer een halve kilometer lang. In het talud lag halverwege een poort zodat veldwegen de tramlijn konden kruisen.

Auteur: Michel
Meer informatie
Waypoint

Groenendalsberg*

De Groenendalsberg loopt van Euverem (Gulpen) naar het plateau van Margraten. De stijging is kort maar krachtig, gemiddeld 8,8% met een maximum van 12%. De weg is autovrij.



Auteur: Hago Limburgs Mooiste
Meer informatie
Waypoint

Groenendalseberg

De Groenendalsberg is een voor velen onbekende beklimming startend in het dal van de rivier de Gulp nabij gehucht Euverem (ter hoogte van Hoeve Groenendaal). De weg is verboden voor autoverkeer. Bijna op de top kruis je de Oude Luikerweg en stijgt de weg nog 100 meter door maar nu over onverhard oppervlak. Wil je op verharde wegen blijven fietsen dan kun je bij de kruising van de Oude Luikerweg linksaf over een smal geasfalteerd fietspad richting Terlinden (dit fietspad gaat vals plat omhoog), of rechtsaf over de Oude Luikerweg (geasfalteerd en hier gewoon een weg van normale breedte) afdalen naar gehucht Euverem. Profiel beklimming Groenendalsberg: http://heuvelsfietsen.nl/Gulpen-Voerendaal/Groenendalsberg.php Profiel Oude Luikerweg vanuit Euverem: http://train-mee.nl/berg/oude-luikerweg/ Foto: zicht op de Oude Luikerweg richting Euverem

Auteur: haroldslegers
Meer informatie
Waypoint

De Zeute Aardbei

Op het terras kunnen bezoekers even tot rust komen tijdens een fietstocht of wandeling. Heerlijk genieten van al het lekkers van De Zeute Aardbei. Proef de wafel met verse aardbeien, koffie met (aardbeien) vlaai of ambachtelijk Italiaans ijs! Daarnaast zijn er ook zelfgemaakte soepen, een tosti of boerenbrood verkrijgbaar.

Auteur: Visit Zuid-Limburg
Meer informatie
Waypoint

Laathof van der Horst

Laathof van der Horst De vroegere Laathof van der Horst wordt thans uitgebaat door Zorgbureau Talent. Bezitters van deze laathof waren ondermeer Joncker Baltasar Coelen (> 1560). In 1606 kwam de hof in handen van Joncker Hieronymus van den Berg genant Trips. Hij en zijn nazaten verbleven op de hof tot 1752, toen deze werd aangekocht door pastoor Johannes Vrijens, pastoor te Mesch. (Bron: Beknopte geschiedenis van Mheer, Banholt en Terhorst, A.P. Roijen).

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Herdenkingskapel Terhorst

Mariakapel Terhorst, Terhorst 11 Terhorst De Mariakapel in Terhorst is uit dankbaarheid voor het ongeschonden doorkomen van de Tweede Wereldoorlog door de bewoners van Terhorst opgericht. De geel gepleisterde wegkapel met hardstenen kruis op de topgevel dateert uit 1949 en is ontworpen door Sjef Hutschemakers. De voorgevel is gedecoreerd in twee verschillende tinten geel. De spitboogvormige toegang en en de flankerende steunberen worden extra benadrukt door een donkerder tint. De kapel heeft aan twee zijden twee glas-in-loodramen en is van binnen beschilderd. Op het altaar staat een Mariaikoon, op de grond een Mariabeeld dat eerder op het altaar stond. In de apsis is een schildering van Maria met Kind aangebracht. Aaan weerszijden op het gewelf zijn zwevende engelen geschilderd. Het interieur is afgeschermd door een glazen deur.

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Sint Gerlachuskerk

Sint Gerlachuskerk, Banholt Banholt behoorde vanoudsher tot de parochie Mheer. Toen de kerk van Mheer herbouwd moest worden in 1872, wensten de inwoners van Banholt dat deze herbouw halverwege de weg Mheer-Banholt zou plaatsvinden. Toen dat niet geschiedde, besloten zij een eigen kerkgebouw te bouwen, bedoeld als een van Mheer onafhankelijke rectoraatskerk. In 1874 werd met de bouw begonnen. Men bakte zelf de lemen brikken, gewonnen op de Banneterheide. Er kwam ook geen architect aan te pas. De bouwkundige Jonkergouw uit Meerssen en aannemer Prevoo uit Margraten bouwden een kerk naar voorbeeld van de kerk van Berneau in België in een vereenvoudigde classicistische stijl. De eerste steen werd gelegd in 1874 door de grootste weldoener van de kerk: Hendrik Bastings. Na hem offerden veel andere dorpsgenoten. Op 28 december 1876 werd de kerk door de toenmalige deken van Gulpen ingezegend. Maar de afscheiding van Mheer ging niet zonder slag of stoot. Bisschop, graaf en pastoor weigerden de kerk van Banholt te bedienen en er ontstond het 'Banholter Schisma', dat officieel duurde tot 1881. Van 1877 tot 1881 werden er geen missen gelezen en moest men zich behelpen met lekenbediening en de hulp van een oud-katholiek priester. In 1881 werd de ruzie bijgelegd en werd Banholt een zelfstandig rectoraat onder de parochie Mheer. In 1922 werd een onopvallend klokkentorentje vervangen door de huidige bakstenen toren naar plannen van Nic. Ramakers. In 1937 werd Banholt een parochie. De achtste rector August Rohs werd de eerste pastoor van Banholt.

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Windmolen van Banholt

Molenweg 14, Banholt: Windmolen van Banholt De Windmolen van Banholt stond op het hoogste punt van de huidige gemeente Eijsden Margraten, bij het Eiland van Banholt, en torende hoog boven het landschap uit, op een ideale plek om veel wind te vangen. In 1847 kocht radenmaken Mathijs Mandervelt van de gemeente Mheer een stuk grond op de Banholterheide, met als doel er een windmolen op te bouwen. Mandervelt verhuurde de windmolen naar alle waarschijnlijkheid aan molenaar Honjet of Hounjet. De molen van Banholt was een lage houten achtkant op een achtkante gemetselde onderbouw van baksteen, een binnenkruier, die het maalwerk van een standaard molen had. Op een avond dat molenaar Honjet aan het was, had hij gezelschap van ene Cornelis Rademakers, die hem vaker hielp bij het malen van graan en koren. Tijdens het gesprek raakte de kaar boven de maalstenen leeg. Honjet droeg snel een zak naar boven (de molen had geen luiwerk) om de zak in het kaar leeg te schenken. Zijn halsdoek werd daarbij door het steenronsel gegrepen, waardoor molenaar Honjet werd onthoofd. Hoe luguber ook, een ongeval dat op molens geen uitzondering was. Rademaker legde met licht de stenen op elkaar en zette met de prems de molen stil en waarschuwde de familie in het dorp. De molen was net afgebouwd, of eigenaar Mandervelt verkocht de molen aan de Maastrichtse koopman Hubert Coffin. Na diens overlijden vond op 24 augustus 1866 werd de Banholtse molen uiteindelijk na deling van de nalatenschap toegewezen aan zijn zoon Jan Hubert Coffin uit Maastricht. In 1867 kwam de molen in het bezit van de zus van Coffin, kloosterzuster M.E.H.A. Coffin, alias moeder Hubertina. Zij verkocht de molen in 1873 aan Pieter Honjet, de zoon van de verongelukte molenaar. Met een knecht in dienst zette hij het maalbedrijf van zijn vader voort. De molen brandde in 1877 af. Honjet liet de molen geheel in steen herbouwen, waarbij de molen de later bekende vorm kreeg. In het opgaande metselwerk was een scheiding zichtbaar, die was aangezet juist boven de toog van de twee grote toegangspoorten. De bouw werd in 1877 voltooid. Honjet had nog niet alle kooppenningen aan moeder Hubertina betaald, waardoor hij de molen openbaar moest verkopen. De hoogste bieder was J.J. Coffin, koopman te Maastricht, die namens zij zus, moeder Hubertina, de molen terugkocht van Honjet. Een jaar later verkocht zij de molen weer aan Jan Joseph Honjet, schoenmaker te Banholt. In 1880 kwam de molen door koop in bezit van molenaar Willem van Houdt, afkomstig uit Klein Genhout (nabij Beek, red.). Waarschijnlijk was hij al reeds de pachter van de Banholtse molen. In zijn huis opende hij tevens een café. Voor het zeven van bloem uit tarwemeel, plaatste hij in de windmolen een bloembuil: een houten machine die in Zuid-Limburgse windmolen nauwelijks voorkwam. De molen bleef in het bezit van de familie Van Houdt. In de jaren twintig van de twintigste eeuw verslapte de interesse van de molenaar in het malen van granen, mede door de concurrentie door de motormaalderij van Frans (Fraswig) Custers in de Dalestraat. De windmolen van Banholt werd stilgezet en verviel geheel. De romp werd in 1936 en vervolgens in 1959 gedecimeerd en tenslotte ter hoogte van de maalzolder met een kap afgedekt om verder als stal of schuur te dienen. Foto boven: de herbouwde, bakstenen windmolen van Banholt in volle glorie Foto beneden: de gedecimeerde molen, die nu als opslagruimte dienst doet

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Amerikaanse Begraafplaats Margraten

De Amerikaanse Begraafplaats Margraten, in het Engels: Netherlands American Cemetery and Memorial, is een Amerikaanse militaire begraafplaats en monument ter nagedachtenis aan de overleden Amerikaanse soldaten ten tijde van de strijd in Zuid-Limburg, het Ardennenoffensief en in het Roergebied, gedurende de Tweede Wereldoorlog. De begraafplaats is gelegen tussen de plaatsen Margraten en Cadier en Keer, aan de N278.
De begraafplaats is ontstaan tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1944 kreeg kapitein Shomon, toenmalig commandant van de 611th Graves Registration Company, de opdracht om voor het Amerikaanse Negende Leger een plaats te vinden voor een begraafplaats. Er werden veel doden verwacht bij de opmars richting Berlijn, en men wilde geen slachtoffers begraven op vijandelijk grondgebied. Begin oktober 1944 diende hij zich aan bij het gemeentehuis van Margraten, dat op 13 september was bevrijd. Daar kreeg hij de beschikking over 30 hectare grond langs de rijksweg westelijk van de dorpskern. De grond werd door de Nederlandse overheid in bruikleen gegeven aan de Amerikanen. Het gebied werd verboden terrein voor burgers. In november begon de aanleg.

Auteur: Wikipedia
Meer informatie
Waypoint

Zjwingelput Hoonthem

Zjwingelput Hoonthem (Margraten) Honthem heeft twee putten gehad. De eerste put, ter hoogte van Pieke Schreurs, stond waar thans het gerestaureerde puthuisje bij het kappeletje. Het puthuisje van de zwingelput van Honthem is gerestaureerd. Op de gemetselde borstwering staat een houten overkapping, welke is gedekt met dakpannen. In de borstwering zit aan de linkerkant een hardstenen wateruitloop. Bij de put in Honthem is alleen het putwiel nog aanwezig. De katrol en de putemmer zijn verdwenen. De put is gedempt. De bovenste foto is een foto van deze put, waar oude Hontemmers bijpraten over het wel en wee in het gehucht. De onderste foto is een foto van de helemaal uit het straatbeeld verdwenen tweede put van Honthem. Deze lag in het hart van de huidige Broenshemweg, ter hoogte van huisnummer 32.

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Windmolen van Honthem

Honthemmerweg (In den Deldert), Honthem: Windmolen van Honthem (verdwenen) In 1854 kreeg Mathijs Hounjet uit Banholt de vergunning om "In den Deldert" een windmolen op te richten op perceel C293 te Honthem, onder voorwaarde dat deze binnen jaar moest zijn gebouwd. De molen stond aan de rechterzijde van de weg van Honthem naar Eckelrade. Vanaf het kapelletje in Honthem staat, na ca. 150 meter, links een wegkruis tussen twee kastanjebomen. 100 meter verder staan aan de rechterzijde en een weiland op een soort van verhoging twee notenbomen. Op deze verhoging heeft de windmolen van Honthem gestaan. De molen was van hout en stond op een houten voetstuk. Op dit voetstuk konden de wieken naar de gewenste windzijde worden gezet. Mathijs "Ties" Honjet was een veelzijdig man. Naast molenaar was hij ook timmerman, wagenmaker, hoefsmid, landbouwer en grondeigenaar. Ook was hij zeer kundig in het behandel van vee en dieren. Na het overlijden van Ties Honjet, kwam de molen in handen van dochter Clara en haar echtgenoot Pieter Paulus Weijnjes. Naast de molen hadden zij ook een klein café in Honthem. Zij woonden in het huis dat nu huisnummer Honthem 21 heeft. Bij het huis staan nog steeds de twee oude molenstenen van de windmolen van Hontem, die in 1912 werd afgebroken. Volgens de overlevering hing boven de voordeur van de molenaarswoning annex herberg een uithangbord met het opschrift "We malen granen en tappen bier. Wie wil borgen, kome morgen."

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie
Waypoint

Kasteel Blankenberg

Blankenberg 7, Cadier en Keer: Kasteel Blankenberg Kasteel Blankenberg, een schilderachtig kasteeltje verscholen in het zacht glooiende landschap, heeft een fraaie tuin en een statige oprijlaan. Al in 1371 wordt Blankenberg vermeld in de annalen. Rond 1825 werd het huidige drielaags hoofdgebouw gebouwd in opdracht van de familie Pichot de Plessis. De familie De Chestret de Haneffe liet het geheel tussen 1856 en 1863 ingrijpend verbouwen. Uit die tijd dateren de beide hoekpaviljoens. In 1904 werd het een klooster voor Franse broederschap van St. Blasius. Later werd het een klooster van de Zusters van het Arme Kind Jezus. In 2004 nam het Academisch Ziekenhuis Maastricht het complex over om als revalidatiekliniek te gaan fungeren. De nog aanwezige nonnen verhuisden naar Huize Loreto in Simpelveld. Tegenwoordig is het kleine kasteel een verzorgingscomplex.

Auteur: Eijsden-Margraten
Meer informatie

Comentarios

    Si quieres, puedes o esta ruta